zaterdag 22 november 2008

Bababokkie

18-11-08

Preek zondag 9 november
Vorige week zondag heeft Gerrit weer gepreekt, deze keer in Sheba, een mijndorpje vlakbij de bijbelschool. We reden een klein stukje met het bakkie (een soort pick-upje) en de student die er vaker preekte, vertelde ons dat we moesten stoppen, omdat we er waren. We keken wat om ons heen, maar zagen niets dat op een kerk leek. Toen bleek dat het gebouwtje, wij zouden het een krotje noemen, de kerk was. We stapten naar binnen en zagen een paar houten banken en een tafel, bedekt met een kleed. Er waren zo’n tien mensen aan het zingen, maar ze maakten het geluid van 50! Ze hebben zo’n twee uur gezongen (één lied was om welkom te heten, dan loopt iedereen langs elkaar in twee rijen en geeft elkaar een hand of een knuffel) en langzamerhand dropen er meer mensen binnen, tot er zo’n 40 zaten. Toen mocht Gerrit preken (‘eindelijk, nadat ik van de zenuwen een keer naar de wc was gegaan, een gebouwtje buiten de kerk, wat er nog verbazingwekkend schoon uitzag’). Hij zegt daarover: Ik preekte over Kaïn, zijn houding ten opzichte anderen, zichzelf en God, en Gods reactie op hem. Het thema was ‘God says ‘Yes’ to you’. Veel mensen veroordelen zichzelf erger dan nodig. Binnenin ons is een stem die vaak ‘nee’ tegen onszelf zegt, een stem van zelfveroordeling. Kaïn had naast zelfmedelijden ook last van die stem omdat hij zijn vloek erger maakte dan die was (‘ik geef toe, een beetje inlegkunde’). Hij zei wanhopig: iedereen zal mij doden! Het is het niet waard meer om te leven. Maar God zei: ‘nee, zo niet.’ Hij beloofde hem om hem te beschermen. God zegt dus ‘nee’ tegen ons ‘nee’ tegen onszelf. Wij moeten leren om Gods ‘ja’ te verstaan, Zijn gunst (of: bijzonder positieve houding, als je een hedendaags woord zoekt) ten opzichte van ons diep te leren kennen en te voelen in ons hart en psyche. En dat ‘ja’ heeft geklonken en klinkt nog in Jezus.
Gerrit werd vertaald door een tolk. Het voordeel van een tolk is dat je even kunt nadenken over je volgende zin, en in de tijd van vertaling op je papier kunt kijken, en terwijl je preekt de mensen aan kunt kijken. Het nadeel is dat je niet weet of je goed vertaald wordt, en dat je snel een synoniem of uitleg moet kunnen verzinnen. Deze tolk kon niet het woord ‘despair’ vertalen, maar keek zo wanhopig elke keer als Gerrit het zei, dat het toch wel overgekomen moest zijn!

Feestelijke gelegenheden
De maandag daarop hadden we een “ladies farewell evening”, waar uiteraard alleen Jannet bij was. We gingen naar een gameresort. We moesten een heel stuk over zand/gruissteenpaden rijden tot aan de andere kant van de berg en zagen een hoop verschillende bokken (=soorten herten). Na een tijd kwamen we aan bij het gebouw waar we gingen eten. Het zag er ranchachtig uit, en heel gezellig. De gastvrouw had een tafel in drie verschillende stijlen gedekt en legde uit hoe je een tafel moet dekken, hoe je het bestek neer moet leggen en gebruiken, hoe je je moet gedragen in een restaurant, etc. De dames waren erg geïnteresseerd. Tijdens het eten vertelden sommigen dat ze het eten met een mes en vork heel lastig vonden, omdat ze gewend waren om met hun handen te eten. Er werd afscheid genomen van drie studenten en van mij, en ik kreeg een hartverwarmende toespraak en een presentje.
Woensdag hadden we alweer een afscheidsavond, maar dan van alle derdejaars studenten. De plek waar de studenten normaal eten was mooi gedekt en vrouwen vanuit de kerk uit Barberton hadden verschillende soorten lasagne gemaakt. Alle studenten waren mooi aangekleed en er heerste een uitgelaten, soort opgeluchte sfeer. Alle studenten vertelden hoe ze het gehad hadden in de drie jaar en wat ze geleerd hadden. Bijna allemaal noemden ze dat het niet gemakkelijk was geweest, maar dat ze wel doorzettingsvermogen hadden geleerd en afhankelijkheid van God, en dat ze ook gemerkt hadden dat God gebeden verhoort en nabij is in moeilijke tijden. Na het eten werd er muziek aangezet en werd er vooral door de mannen gedanst. Gerrit deed met heel zijn hart mee, wat de goedkeuring van de studenten kon wegdragen! Jannet was druk in de weer met de digitale camera, die gelukkig ook filmpjes kan maken…
Het weekend hebben we rustig op de bijbelschool doorgebracht. Normaal gesproken is het druk met iedereen en is iedereen druk, en hoewel we ook op zaterdag werk doen, is de sfeer toch anders.

Zondag 16 november: een gevangenis- en een normale dienst
Zondag heeft Gerrit met een studentenechtpaar en Elreza de gevangenis bezocht. Er is daar een groep christenen (ongeveer 50 personen) die elke zondag bij elkaar komen, en veel zingen. Het was een vreemde maar ook mooie ervaring. Je zit met z’n vieren van buitenaf tussen mannen die allemaal in oranje ‘kostuums’ gekleed zijn, met daarop ‘correctional service Barberton’ geprint. Het was de eerste keer dat ik (Gerrit) in een gevangenis was, en toen ik dat zei bij mijn introductie, klapten en joelden ze allemaal luid. Je bent wel op je hoede, want je weet niet hoe gevaarlijk ze zijn. Het deel van de gevangenis waar we waren (Medium B), zag er nogal vrij uit. Iedereen liep ‘los’, een paar gevangenen waren aan het poolen, en blijkbaar was het niet verboden om bijv. riemen te dragen. In hoeverre is hier bijv. op wapens gecontroleerd? vraag je je op zo’n moment af. Maar het zag er rustig en bijna gezellig uit, met netjes aangeharkte tuinen. Na afloop kamen alle 50, inclusief een bewaarder (de bewaarder Israëls) langs om ons de hand te drukken op de Afrikaanse wijze. Ik (Jannet) wilde graag weer naar een “normale” kerkdienst en woonde een dienst van de NG-kerk bij. Daar besefte ik, na er een tijd niet geweest te zijn, dat ik me toch erg thuisvoel in de traditionele kerk. De twee zondagen daarvoor was ik in de kerkdiensten waar Gerrit had gepreekt, en ik had de preek al gelezen/gehoord. Het lijkt dan bijna alsof het minder het woord van God is, omdat je de voorbereiding hebt gezien en zelf ook hebt meegedacht. Gelukkig kan ik er hier vast een beetje aan wennen.

Roeping tot bediening van het Woord
Wat betreft mijn (Gerrit) roeping kan ik zeggen dat dit een goede tijd is om hiermee bezig te zijn. Door het preken zelf kom ik tot inzicht wat de minnen en de plussen zijn. Het moeilijkste is om een boodschap, die voor jezelf duidelijk in een tekst ligt, en die je zelf van God gehoord hebt, aan anderen over te dragen, op zo’n manier dat het begrijpelijk is. Je moet echt een weg naar de mensen afleggen. Deze weg wordt makkelijker naarmate je zelf in je eigen leven ervaren hebt waar de tekst over gaat. Ik zou bijv. graag over Galaten 2,20 preken (niet ik, maar Christus leeft in mij), maar ervaar dit nog te weinig in mijn eigen leven. Verder merk ik dat ik geneigd ben nogal vermanend te preken, of waarschuwend. Dat bepaalt ook mijn tekstkeus. Nu al uitkijken dus, dat ik niet te eenzijdig word. Genoemde neiging zal samenhangen met mijn kritische geest, wat weer samenhangt met een zucht naar waarheid. Jannet herkende dit ook. Maar bovenal ervaar ik het als een vreugde om het Woord te mogen delen, en zo iets van mijn hart, en naar ik hoop Gods hart te mogen meedelen. Niettemin blijven twijfels bestaan over het vervolg in Nederland. Ik zie voor mezelf meer een rol weggelegd als (zoals ze dat in Engeland, in de Anglicaanse kerk hebben) ‘pastor of theology’, iemand die in een gemeente theologisch denkwerk verricht en bijvoorbeeld de kerkenraad adviseert, de breedte van de gemeenten dient, schrijft en preekt. Vorige week was hier een afgetreden predikant, die nu een bediening heeft als ‘missionary mobilizer’: iemand die andere mensen mobiliseert om naar buiten te treden met het Evangelie. Precies zoiets zou mij liggen, maar dan op het vlak van gemeente-opbouw. Noem het een ‘maturity mobilizer’: iemand die anderen aanmoedigt om te volharden in geestelijke groei, tot geestelijke volwassenheid. Paulus had beide kanten. Hij was een apostel onder de heidenen, om hen voor het eerst te leiden tot Christus, maar zag het ook als zijn taak om vervolgens de pasbekeerden aan te sporen te wandelen in Christus (Kol 2,6-7). Anything dat bij kan dragen aan dat groeiproces van Gods gemeente zal ik met beide handen aanvatten, maar of dat in de eerste plaats predikant is, daarvan ben ik nog niet zeker. Wie dit leest, bid ‘asseblief’ voor meer licht.

Ontspannende stafavond
Gisteren zijn we met de staf, als afscheid, naar hetzelfde gameresort geweest als we met de dames geweest waren. Nu kwamen we al overdag aan, en hadden we veel meer tijd. Het is de laaste dagen regenachtig geweest en gisteren hingen er ook mistwolken rondom de bergen. Een prachtig gezicht. Je hoort alleen de wind en de vogels, en waar je ook kijkt zie je groene bomen en bergen. Het schijnt het mooiste deel van Zuid-Afrika te zijn, en dat wil ik graag geloven. De gastheer is een buffelboer. Hij neemt buffels die besmet zijn met tuberculose over van het Krugerpark, zet ze in quarantaine in zijn park, en verzorgt ze tot ze beter zijn. We hebben ze van dichtbij kunnen bekijken. Ik (Jannet) vind het geen mooie beesten. Het lijken net grote koeien, maar dan met grote hoorns en ze kijken erg dom. En als ze rennen, dat kunnen ze heel snel, dan lijkt het net alsof ze een beetje uitgerekt zijn, en dat is helemaal geen gezicht. Geef mij maar de elegante giraf! (Gerrit is het er niet mee eens dat een giraf elegant is) We liepen nog naar een kapel waar huwelijken gesloten kunnen worden. Als er één plek is waar je een fastastisch huwelijksfeest kunt houden, is het daar wel! Ook binnen, waar we hebben gegeten, is er een huiselijke, knusse sfeer. We hebben heerlijk gespeeld met de jonge honden en Gerrit kon zijn gevoel kwijt in de piano. Met de staf zongen we al een paar kerstliederen. Ze hebben hier niets van sinterklaas – ook geen kikkers en muizen - , dus alles staat nu al in het teken van kerst.

Evaluerende woorden
Inmiddels loopt de tijd dat we hier blijven alweer op zijn eind. Nog maar een week, waarin veel moet gebeuren, en dan is het afstudeerfeest en gaat iedereen weg. We hebben de staf en de studenten best goed leren kennen, soms hebben we de leuke en mooie kanten gezien, soms de minder mooie kanten. We hebben veel geleerd, vooral op geestelijk en psychologisch vlak, maar we hebben soms ook wel gedacht dat we liever weg wilden gaan. We vonden de manier waarop er leiding werd gegeven en omgegaan werd met studenten en staf niet altijd prettig en moesten dan nadenken of we zouden gaan confronteren of het achteraf vertellen. In ieder geval leren we hier om altijd te bidden! De positieve kanten hebben de negatieve toch altijd wel overheerst.

Een zieke student
Terwijl ik dit aan het tikken was (20:45 uur), werd er bij ons op de deur geklopt en stonden er drie studenten voor de deur die vertelden dat een andere student, uit Angola, erg ziek was, gebraakt had, hoge koorts had en dat we moesten komen kijken en beslissen of hij naar het ziekenhuis moest gaan (dat is in Barberton, 28 km verderop). We liepen met hen mee en kwamen in de kamer van de student aan. Ze slapen altijd met z’n drieën op een kamer en toen was ineens de hele kamer vol. Iedereen luisterde en keek met mij mee terwijl ik een inschatting probeerde te maken. Hij was vooral moe en kreunde, en gaf éénlettergrepige antwoorden. Ik onderzocht zijn buik, die (voor de insiders) geen tekenen van peritonitis vertoonde en besloot dat hij waarschijnlijk een virale gastro-enteritis (maagdarminfectie door een virus) had met koorts en gaf hem ORS (tegen dehydratie) en paracetamol. Gerrit heeft met hem gebeden. Het gevoel dat ik een fout kan maken, iets over het hoofd gezien kan hebben en misschien onterecht hem niet naar het ziekenhuis heb gestuurd, is het moeilijkste van zo’n consult, zeker omdat we zo ver van enige dokter (behalve mijzelf dan) en hulp afzitten. Maar als morgen zijn twee kamergenoten ook braken en diarree hebben, weet ik dat ik het goed had…

dinsdag 4 november 2008

Gelukkig op BBTC

We zijn niet druk, maar wel de hele dag bezig. Weblog schrijven schiet er dus een beetje bij in. We volgen de routine van de dag, en de dagen gaan snel voorbij! Afgelopen week waren er lessen over het boek Job, waar Gerrit de hele tijd bij zat en controle hield. De studenten dwalen snel af als ze vragen stellen, en de hoofdlijn gaat dan snel verloren. Deze week zit Jannet ook bij de lessen, omdat het over Total Patient Care gaat, en dat vindt ze wel interessant. Het spreekuur van Jannet wordt door zo’n 3-4 studenten per dag bezocht. Sommige kan ze helpen met de medicijnvoorraad of geruststellen en andere verwijst ze door naar het ziekenhuis. Het helpt als de studenten een officiele brief van haar krijgen, want ander gaat de dokter in het ziekenhuis weer eerst beginnen met gewone hoestdrank in plaats van meteen te testen op tbc., bijvoorbeeld. Het is een goede ervaring om te bidden met de studenten. ‘s Ochtends heeft Jannet veel administratiewerk gedaan: achterstallige mail gesorteerd en geprint, adressen opgespoord en een adressenlijst getypt, etc. ‘s Middags stuurt ze de celgroep aan in de bibliotheek om dozen vol nieuw ingekomen boeken te categoriseren, te merken en ze op de goede plek te zetten. Het is gezellig om zo de middag door te brengen met de studenten. Sinds vorige week oefent ze elke week aan een dans voor de presentatie van de CD’s van de bijbelschool, en Gerrit doet daar ook aan mee; hij is een van de zes mannen die met de vlaggen gaan zwaaien.
Gerrit is betrokken bij de afstudeerwerzaamheden, punten verdelen, overleg met studenten, etc. Op maandagavonden preken elke keer vier studenten, en krijgen dan feedback van de medestudenten en aan het eind geeft Gerrit zijn mening en adviezen als “head of training”. Donderdagavonden doen we bijbelstudie met de staf waar hij verantwoordelijk voor is (maar hij heeft al snel geleerd te delegeren) en hij is verantwoordelijk voor de huisgodsdienst, dus het bidden en bijbellezen rondom de maaltijden. Inmiddels heeft hij ook gepreekt. Vorige week tijdens de morning devotions (in het Engels) over de eerste verzoeking van Jezus in de woestijn, en afgelopen zondag in een kerk. Het is een Nazarene church in Matsulu, waar normaal gesproken een student van de bijbelschool altijd preekt. We werden zondagochtend gebracht door een van de stafleden, en kwamen keurig op tijd aan. Het is een voor ons doen armoedig kerkgebouwtje, maar ik denk voor de gemeenteleden een zegen om zo’n gebouw te hebben. Er staan stoelen in de zaal en voorin een verhoging met een kleed daarvoor. De vrouwen zitten links en in het midden en de mannen rechts, maar veel mannen waren er niet. De vrouwen leidden de dienst tot de preek begon, met aanbidding, gebed en offergaven. De pastor/student introduceerde Gerrit en daarna klom hij de kansel op om te preken! Er was een tolk die vertaalde in het Swati. We hebben de preek opgenomen op de voicerecorder (als variant op de kerkomroep) en een klein filmpje gemaakt. Na de dienst aten we met de pastor bij een echtpaar uit de kerk in een Afrikaans huisje. Klein, maar precies groot genoeg. De televisie stond op een kanaal waar worstelen op te zien was, en de heer des huizes maakte geen aanstalten om dat uit te zetten, dus daar keken we een tijdje naar. Gelukkig stelde de pastor daarna voor om een gospelDVD te kijken. Het eten was prima,zoals al het eten hier. Gewoon kippepootjes met rijs, kool en een koude salade met bonen ofzo. Om 4 uur gingen we weer met de grote bus van de bijbelschool terug. Die bus (een oude stadsbus) brengt op vrijdag alle studenten naar de plaats waar ze op outreach gaan, en pikt ze op zondag allemaal weer op. Het is een bergachtig gebied, en steeds als we moesten klimmen ronkte de motor luid, roken we een brandgeur en zagen we soms zelfs rook onder de bus uitkomen. Hij ging steeds zachter, en uiteindelijk haalden we het net niet tot de school en moesten we nog ongeveer een kilometer lopen. Nu maar hopen dat ze bus snel kunnen maken, want anders kunnen de studenten volgende vrijdag niet weg!
Zaterdag waren we in Barberton, het dichtsbijzijnde dorp (28 km verderop) bij de kerstmarkt van de kerk van een van de stafleden. Er waren wat kraampjes, veel eten (we zijn tenslotte in Zuid-Afrika), en “boeresport”, touwtrekken, zaklopen en waterballonnen gooien. We gingen ook nog naar de winkels om een zaklamp te kopen en een stropdas voor Gerrit. Het was lekker om even zelfstandig te zijn en samen door het dorp te lopen.
Gisteravond hadden we een enerverende avond. Net toen we op het punt stonden om naar bed te gaan, ontdekte Gerrit in de toiletpot een kikker (die hadden we al eerder zien zwemmen, maar dachten dat we hem kwijt waren toen we hem doorespoeld hadden) en in bad een schorpioen! De schorpioen gingen we te lijf met handdoek, schoenen en een schaar, tot we zeker wisten dat hij dood was, en de kikker vingen we in een glas en gooiden we naar buiten. Pas daarna keken we in een boek, en zagen we dat de schorpioen een niet-giftige soort was, en dat een steek net zo gevaarlijk is als een bijensteek. Volgende keer eerst maar in het boek kijken, dat scheelt weer een hoop hartkloppingen! Er is hier in de bibliotheek twee weken geleden al een Mozambique cobra gesignaleerd en gedood, en er kruipt er nog een rond op de heuvel. Gelukkig komen we daar niet vaak in het donker. Wij hebben nog geen slangen gezien, en houden dat graag zo.
Het weer is lekker. Gisteren was het 38 graden (en nog steeds lente) en vandaag zo’n 18. Een goede afwisseling.

De sfeer is over het algemeen goed. Er zijn wel wat irritaties, maar die krijgen gelukkig niet de overhand. We missen wel de jonge mensen. De staf is minimaal 50 jaar oud, en ze hebben allemaal al een heel leven achter de rug en inmiddels vaste overtuigingen en meningen ontwikkeld. Als we proberen te nuanceren of te discussieren lopen we snel vast, dat is wel jammer. We hebben goed contact met de studenten, en horen van hen weer negatieve verhalen over de bijbelschool en over de mensen. Wij proberen te luisteren, en als het te ver gaat, of er niet meer in een goede geest gepraat wordt, het af te kappen. Elk verhaal heeft twee kanten, en wij staan er vaak precies tussenin. We hebben het goed samen, kunnen fijn praten, alles delen en hebben veel lol. Omdat we andere taken hebben, kunnen we elkaar helpen en hebben we ook wat om te vertellen aan elkaar. Er zijn nauwelijks ruzies. Dank voor alle gebeden, en ga vooral door! Als we ruzie met elkaar gaan maken, gaan we ons heel eenzaam voelen. We hebben nog geen heimwee, en denken met steeds meer plezier aan terugkomen. We horen veel goed nieuws uit Nederland, huizen die gekocht worden, een zwangerschap, Utrecht-West die een predikant krijgt! We zijn vanuit hier erg blij met de blijden. Blijf ons op de hoogte houden.
De komende weken zullen we doorgaan met de taken zoals we die nu hebben, tenzij God anders leidt. Gerrit zal waarschijnlijk in ieder geval twee zondagen gaan preken. We maken ook al voorzichtig plannen voor de tijd die volgt na deze periode (een tour met vrienden!) en leren elke dag meer.